blootschappen met recept: verse pizza

KORTVERHAAL | BLOOTSCHAPPEN

Sla (zakske), lees ik in zijn kinderlijke handschrift op het boodschappenlijstje. Veldsla of rucola? Of ijsbergsla? Of misschien zo een zakje gemengd, voor de zekerheid? Door mijn getwijfel dampt de frigodeur aan. Ik veeg het glas weer schoon met mijn mouw. Een rekkenvuller met puisten kijkt kwaad. Ik had moeten twijfelen met de deur dicht.

Ter hoogte van de gekoelde tuinkers zie ik een poep. Een blote. Het is er één van de vrouwelijke soort en het is een prachtexemplaar, zo op het spiegelzicht. Die eet zeker veel sla, denk ik. Ik draai me om en stap op het blote meisje af. Ik vraag haar welke soort sla zij eet om zo’n lekkere kont te krijgen. Ze antwoordt niet.
De rekkenvuller met puisten kijkt kwaad.

Ik loop de poep achterna naar de bakkersafdeling. Komt goed uit, want op mijn lijstje staat nog brood (snijden!). Wit? Of bruin? Rond of gewoon? Wel of niet met zaadjes erop? Met vier soorten brood sta ik in de rij voor de snijmachine. De poep houdt halt aan het gebak. Het blote meisje steekt twee Berlijnse bollen in een zak nr. 2. Ik wil haar zeggen dat ze zich vergist, dat je voor gebak zo’n doorzichtig zakje van de rol moet scheuren. Ik doe het niet. Als de poep de hoek om is, leg ik de vier soorten brood terug.

Ik steek twee Berlijnse bollen in een zak nr. 2.
De rekkenvuller met puisten kijkt kwaad.


RECEPT | VERSE PIZZA

Ik mocht van mijn lief niets schrijven over zijn blote poep. Jammer.
En sinds ik uit de puberteit gekrabbeld ben, heb ik het liefst van al niets meer te maken met puisten. Boodschappen dan maar!
Boodschappen = lijstje maken. Tadaaa! Inspiratie!
Ik ben op zoek gegaan naar een lijstje van iemand anders, met als bedoeling om met die ingrediënten een gerecht te maken. Ik heb er eentje gevonden in een eenzaam winkelkarretje, maar ik moet wel eerlijk bekennen dat het niet zo’n uitdaging was om er iets mee te bedenken. Maar ’t is wel iets superlekkers geworden: verse pizza met aubergine, courgette en pancetta.

 

Ingrediënten (voor 2 pizza’s)
Kortverhaal: boodschappen | Recept: verse pizzaKant-en-klaar pizzadeeg, 2 porties (of maak het zelf, hier vind je een heel goed recept)
Courgette
Aubergine
Pancetta in dunne schelletjes, scheur ze in twee
2 bolletjes mozzarella, in schijfjes gesneden
Verse kruiden, wat je in huis hebt (basilicum, rozemarijn, oregano – of de gedroogde variant)
Brik passata (500 ml)
Halve ui
3 dikke tenen look
Peper, zout, chilipoeder of vlokken
Eetlepel kristalsuiker
100 ml olijfolie en wat extra om in te stoven

Zo maak je het
Eerst en vooral een tomatensaus maken. Versnipper een halve ui en knijp een teentje look uit. Stoof beide aan in wat olijfolie op een heel laag vuur, want look verbrandt zeer snel en dat is hier niet de bedoeling. Als de ui glazig wordt, giet je het brik passata erbij. Goed roeren, een kwartier laten pruttelen en afkruiden met gedroogde oregano, peper, zout en chilipoeder voor een lekker pikantje. De suiker doe je erbij om het zure wat uit de tomatensaus te halen (kan je ook vervangen door ketchup). Er zal saus over zijn straks, invriezen is de boodschap. Tomatensaus kan je altijd gebruiken.

Verwarm ongeveer 100 ml olijfolie en pers er twee dikke tenen look in uit, doe er wat basilicum bij. Goed roeren en laten afkoelen. Zo krijg je een lekker smakende olie.

Ondertussen verwarm je de oven voor op zeker 220 graden. Wie een pizzasteen heeft stopt die in de oven en verwarmt die voor op de hoogste stand. Iedereen moet doen wat hij wil MAAR een pizzasteen, dat kan ik echt iedereen aanraden. Je gaat naar de bouwmarkt en koopt er een vloertegel van travertin of marmer (vraag eens in de winkel). Ideale pizzastenen! En het kost je nog geen 5 euro. Wel eerst goed afschrobben en een paar dagen laten uitdrogen.

Snijd de aubergine en courgette in fijne schijfjes (niet schillen). Die stoof je aan in een antikleefpan, in een goeie lepel olijfolie. De groenten moeten niet kleuren maar wel een klein beetje zacht worden. Langer dan 5 minuten hoeft dat niet te duren!

Strooi veel bloem op je werkblad, om ervoor te zorgen dat het deeg niet (meer) kleeft, en rol er de lap prefabdeeg (of je heerlijke verse deeg) op uit. Doe ook bloem op de pizza en op je deegrol en rol uit tot een mooie ronde dunne lap deeg. Ook af en toe omdraaien.

In het midden doe je een soeplepel tomatensaus. Met de bolle kant van de lepel wrijf je die in cirkels uit over het deeg. De truc is om net heel weinig tomatensaus op je bodem te doen! Dat geldt ook voor het beleg: hoe minder, hoe lekkerder. Blijf met je saus twee centimeter van de rand vandaan.

Beleg de pizza dan met schijfjes mozzarella en de schijfjes gestoofde aubergine en courgette. Daarop leg je wat pancetta. Kruid alles af met gedroogde oregano.

In het midden van de lege rand leg je om de twee centimeter (ongeveer hé, het is nu niet dat ik dat meet) een reepje mozzarella. Dan plooi je die rand over en druk je het goed aan met je vingertoppen. Straks gaat dat zo’n smeuïg korstje zijn!

Met een borsteltje wrijf je over de rand wat van de lookolie die je aan de kant hebt gezet. Je kan er ook wat sprenkelen over de pizza.

Als je geen pizzasteen hebt, bekleed dan je bakplaat met bakpapier en leg hierop je pizza. Je moet alles een beetje in de gaten houden. Als de kaas is gesmolten, de pizza wat broebelt en het korstje wat bruinig wordt, is het klaar!

Vergeet die ristorante’s! Zelf maken is véél lekkerder.